Onzekerheid kent z'n tijd

Deze blogpost is achterhaald.
Mijn verhalen zijn vaak uit het hart geschreven, gebaseerd op een vluchtig moment. Dat gold ook voor dit verhaal.
Inmiddels heb ik mijn eerste geslaagde date gehad!

Over het algemeen denk ik best gelukkig te zijn. Ik heb een dak boven mijn hoofd, ik kan lekker sparen en ik geniet oprecht van de dingen die ik dagelijks mag doen. Ik heb echt niets te klagen.
En tóch twijfel ik zoals ieder mens wel eens aan mijzelf. Soms wat meer, soms wat minder, soms helemaal niet. Maar de laatste tijd komt het vaker terug. Om erachter te komen hoe dat komt, wil ik graag met je terug naar 2018.

2018 was eigenlijk een heel mooi jaar. Ik had mijn zelfvertrouwen teruggewonnen nadat ik was gestopt met mijn HBO-opleiding. Mijn carrière stond in bloei, en ik had er zin in!
Maar ik was ook een twintiger met hormonen. Met andere woorden: ik wou dolgraag iemand als vriendin. Iemand om mee te lachen, praten, janken, en iemand om “🍆😏😏” naar te appen bij de vraag welke groente ik mee moest nemen uit de supermarkt. Een soulmate dus, een mooi en lief mens van binnen én van buiten.

Zoals elke twintiger die er niet zijn hobby van maakt om wekelijks een stukje dover te worden in een club, swipete ik mij een ongeluk op datingapps als Tinder en Badoo in de hoop iemand tegen het lijf te lopen. De resultaten waren… gemengd. Soms was er een leuk gesprek,1) soms was ik helemaal weg van iemand,2) maar veel vaker gebeurde er helemaal niets.3)

Tot die twee keer in 2018.

Na een tijdje swipen kwam ik een behoorlijk knap meisje tegen. Ongeveer mijn lengte,4) grijsgroene ogen, lang steil zwart haar, niet heavy aan de make-up, gewoon behoorlijk knap. En op zo'n manier in de camera kijkend dat iets in mij zei dat ik wel naar rechts moest swipen. Ze had iets liefs, maar ook krachtigs, en interessants in haar blik.
Ik had geen verwachtingen dat er ooit iets uit zou komen toen ik dit meisje als 40ste Tinder-profiel van de dag naar rechts slingerde. Tot mijn verbazing werd mijn scherm donker. Grote chocoladeletters schreven de woorden “IT'S A MATCH!”, met daaronder onze foto's naast elkaar alsof we al 20 jaar een stelletje waren.

We raakten aan de praat via de chat, en dat was héél leuk. We waren over en weer geïnteresseerd in elkaars interesses en hobby's. Daarnaast had ik eindelijk iemand gevonden die mijn twijfelachtige humor kon waarderen. Ik dacht dat ik goud in handen had.
Een groot dilemma is natuurlijk: hoe vraag je iemand uit op een date die je nog maar net kent, zonder opdringerig over te komen? We leken allebei oprecht veel plezier te hebben in het gesprek, en ik wou dat niet verliezen door zoiets stoms. Dus beging ik de grootste fout die je kunt maken: ik wachtte te lang.

Het duurde uiteindelijk drie weken voordat we elkaar ontmoetten in Rotterdam. Niets ging zoals ik gehoopt had.

Mijn date moest eerst voor een afspraak in Den Haag zijn voordat ze naar Rotterdam zou komen. Toen ik vlakbij was, appte ze dat het nog wel een half uurtje zou duren. Ik was bizar zenuwachtig; mijn hartslag was niet per sé sneller, maar het bonsde wel overal. Op mijn bloeddruk kon de arm van een hijskraan prima draaien.
Ik bestelde een kopje thee bij restaurant De Gouden Bogen5) om een beetje tot bedaren te komen. Het bleek druk te zijn in de keuken, waardoor ik er even op moest wachten. Ik had mijn dampende beker bladvocht nog maar net in mijn handen toen mijn telefoon trilde. Er stond: “Ik ben er.”

Hoe ik geen brandwonden heb opgelopen door het atten van een volle kop thee weet ik nog steeds niet. Ik wist wel dat ik een probleem had; ik zat op de Coolsingel, terwijl 'mijn muze' zat te wachten in de ijzige kou op een bankje bij de Koopgoot. “Ik kom eraan!” stuurde ik nog, terwijl ik mij door de krochten van metrostation Beurs een weg baande naar de uitgang bij de bekende ondergrondse winkelstraat. In werkelijkheid duurde het nog geen 5 minuten, gevoelsmatig duurde het voor mij 2 decennia.
Bij de Koopgoot gauw met de roltrap omhoog, en ja hoor: ze was er. We lachten naar elkaar, ik zei “hey!”, en we wandelden samen naar de Vapiano op de Binnenrotte. Ze had 't zelf uitgekozen.

Toen we binnen waren, voelde ik al snel nattigheid.
We hadden zó lang online gepraat, dat we elkaar eigenlijk niets meer te vertellen hadden. Na de “hoe was je afspraak?”-achtige vragen was het dan ook vooral naar de menukaart kijken, eten, en binnen anderhalf uur weer buiten staan zonder veel woorden te hebben gewisseld. Ik voelde me vreselijk terwijl ik haar naar het treinstation bracht. Het enorme schuldgevoel bekroop mij dat ik iemand 'voor niets' naar Rotterdam had laten komen, en dat ik te weinig 'persoonlijkheid' bezat om iets te bedenken.
Nadat we gedag hadden gezegd, liep ze alleen het station in. Ik voelde tranen opkomen, maar wist ze te onderdrukken terwijl ik haar nakeek.

Later die middag stuurde ik mijn date een berichtje om haar te bedanken voor het eten, in een laatste sprankje hoop dat ik had dat zij misschien toch nog iets in mij zag.
Het berichtje werd gelezen, maar nooit beantwoord.

Een paar maanden later had ik bovenstaand verhaal een plekje gegeven. Ik was toch maar weer gaan swipen, want ja, wat moet je anders hè.

Ik werkte destijds in Zoetermeer, een stad die tegen Den Haag aan ligt. Er wonen een hoop knappe mensen, maar ze deden me niet zoveel. Tot ik een echt leuk profiel tegenkwam: een single meid van rond de 20 jaar, weer ongeveer dezelfde lengte, blond haar, blauwe ogen, een hele lieve lach, en de trotse eigenaresse van een flink opgevoerde Honda Prelude.
Zelf heb ik niet eens een rijbewijs, dus een autoconnaisseur kun je me absoluut niet noemen. Maar ik vond het wel cool dat zij daarmee bezig was, en tsja… knap was ze zéker!

Een swipe naar rechts, en er gebeurde niets.

Maar de volgende dag wel!
We matchten, en hadden een heel hartelijk chatgesprek. Spontaan flapte ze eruit: “Zullen we een roadtrip doen?” Daar fantaseerden we even over, en ik bood aan om eerst eens te ontmoeten onder het genot van een stomende kom rijst. Ze stemde in, en ik was weer he-le-maal in de wolken.

Een paar dagen later was het zover. Een half uurtje van tevoren stond ik al voor het restaurant in Zoeterméér.6) Ik wou met elke vezel in mijn lijf voorkomen dat iemand nog een keer op mij zou moeten wachten. In plaats daarvan zou ik een uur voor het restaurant doorbrengen, wachtend op iemand die nooit zou komen.
Die kom rijst heb ik trouwens wel gegeten. In mijn eentje. Naar buiten starend, terwijl enkele druppels traanvocht het tafelblad raakten.

In eerste instantie vermoedde ik dat het ging om een catfish, omdat er via Tinder ook helemaal niet meer werd gereageerd toen ik vanuit het restaurant een berichtje stuurde. Een paar dagen later vond ik 'de echte' Zoetermeerse op Instagram, en ik stuurde haar een berichtje met de vraag of het een nepprofiel betrof. Ze zou nooit reageren.

Het waren niet de eerste (pogingen tot) dates die ik gehad had; het waren zelfs niet eens de eerste dates die slecht verliepen voor mij. Maar deze twee voorvallen hebben mij op de een of andere manier toch anders, misschien wel harder, geraakt.

Omdat ik via de chat telkens het gevoel had echt een leuke persoon te hebben gevonden, bouwde ik een heel sterk gevoel van euforie op. Keer op keer is dat hard afgestraft met een steile val in mijn zelfvertrouwen, omdat de afspraak ineenstortte.
Sindsdien heb ik nooit meer een date gehad, en dat is mijn schuld. Ik heb namelijk nog steeds nieuwe gesprekken gehad; ik durf echter niet meer af te spreken. Bang voor een nieuwe blunder, bang voor een nieuwe tik op de neus van mijn zelfwaarde. Stevent een gesprek af op een ontmoeting? Dan voel ik mij in de hoek gedreven, en verdwijn ik voor een tijdje.

Ik vond het zelf altijd heel naar om ghosting mee te maken, en daarom vind ik vreselijk dat ik dit anderen heb aangedaan. Misschien hebben zij nu wel dezelfde twijfels als ik. Niemand verdient dat, en daarom probeer ik maar helemaal weg te blijven van platforms als Tinder, Badoo, Bumble, Happn en you name it.

Ik gelóóf het niet meer als iemand zegt dat ze me leuk vindt. Het bleek té vaak niet waar.
Of dat altijd mijn schuld is/was weet ik niet. Maar ik wil mijzelf niet meer willens en wetens blootstellen aan die vreselijke ervaringen. Ik denk dat ik later gewoon de mannelijke versie van een kattenvrouwtje word.

Iedereen heeft twijfels, insecurities, een zelfbeeld wat niet altijd even mooi is. Ook mensen die eigenlijk niets te klagen zouden moeten hebben.
Misschien komt het er later wel weer van. Misschien kom ik iemand tegen die mijn vertrouwen wel weer weet te winnen. Tot die tijd: wie weet een goed kattenasiel?

This website uses cookies. By using the website, you agree with storing cookies on your computer. Also you acknowledge that you have read and understand our Privacy Policy. If you do not agree leave the website.More information about cookies
  • blog/2020/01/02_onzekerheid_kent_z_n_tijd.txt
  • Laatst gewijzigd: 2020/01/13 19:57
  • door Daan Berg